• Paper

Gemeenten & duurzaamheid. Een logische combinatie?!

Een uitnodiging tot dialoog en gezamenlijke actie: Hoe staat jouw gemeente ervoor?

Download de paper

Aanleiding

Gemeenten staan midden in de samenleving. Ze bepalen mede hoe wij wonen, werken, reizen en energie gebruiken. Ze zijn dichtbij inwoners en ondernemers, kennen de lokale context en kunnen partijen bij elkaar brengen. Juist daarom spelen gemeenten een sleutelrol in het vormgeven van een leefbare, gezonde en veerkrachtige omgeving — nu én voor toekomstige generaties.

De afgelopen jaren stond “duurzaamheid” vaak in het teken van wet- en regelgeving, rapportageverplichtingen en verantwoordingsdruk, met name richting bedrijven. Tegelijk verandert de Europese context: er is meer aandacht voor het verminderen van regeldruk en het vereenvoudigen van verplichtingen. Dat markeert een verschuiving. De centrale vraag wordt steeds vaker: wat moeten we rapporteren? terwijl de belangrijkste vraag voor gemeenten eigenlijk is: welke keuzes maken we vandaag om onze gemeente toekomstbestendig te houden?

Want de opgaven waar gemeenten dagelijks aan werken zijn concreet, voelbaar en lokaal. Het gaat over betaalbaarheid van energie, een prettig en gezond leefklimaat, toekomstbestendige woningen, bereikbaarheid en ruimte, een vitale lokale economie en het vermogen om te gaan met weersextremen. In dat licht is duurzaamheid geen abstract begrip, maar een manier van kijken naar kwaliteit van leven — of, anders gezegd: brede welvaart. Het gaat om het realiseren van waarde op meerdere fronten tegelijk: ecologisch, sociaal én economisch.

In de praktijk zien we dat gemeenten al volop bezig zijn met het versterken van die brede welvaart. Tegelijkertijd leeft een herkenbare spanning: terwijl de urgentie groot is, zijn middelen schaars, is beleid versnipperd over domeinen en wordt vooruitgang niet altijd direct zichtbaar. Dat vraagt om leiderschap: keuzes durven maken, prioriteren en verbinden — binnen de gemeentelijke organisatie én met partners in de stad of regio.

Deze paper is bedoeld als uitnodiging tot dialoog en gezamenlijke actie. We verkennen hoe gemeenten hun rol als beleidsmaker, verbinder en voorbeeldorganisatie kunnen versterken en hoe politiek, bestuur en ambtelijke directie hierin richting kunnen geven. Op basis van gesprekken en paneldialogen brengen we inzichten, dilemma’s en praktische adviezen samen, zodat we samen duurzame vooruitgang realiseren.

De regelgever trekt zich terug. De problemen zijn er niet minder om

Vanwege de recent door de Europese Unie ingevoerde Omnibus regelgeving lijkt het gevoel van urgentie om oog en oor te hebben voor het thema duurzaamheid af te nemen. De achterliggende oorzaken worden er echter niet anders van. Het rapport van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) en het daaraan ten grondslag liggende onderzoek (Rockström et al., 2009) laat zien dat de temperatuur van de aarde blijft oplopen en dat volgens de “Planetary Health Check 2025” (Seven Of Nine Planetary Boundaries Now Breached, 2025) inmiddels zeven van de negen planetaire grenzen worden overschreden.

Bron: https: www.stockholmresilience.org

Onderzoek (SDG Nederland, 2025) naar de realisatie van de Sustainable Development Goals (SDG’s) laat zien dat deze doelen niet worden behaald. Vanuit wetenschappelijk perspectief wordt de noodklok geluid en gelijktijdig ontstaat met een zich terugtrekkende Europese wetgever een nieuwe dynamiek. Een dynamiek die vraagt om het nemen van verantwoordelijkheid en het tonen van leiderschap om de relevante trends en ontwikkelingen op het terrein van duurzaamheid aan te pakken.

Relevante trends en ontwikkelingen

Als we kijken naar de algemene trends waarop gemeenten inspelen dan komen we tot de volgende top 5:

  1. Energietransitie: Gemeenten zetten sterk in op het besparen van energie, het opwekken van duurzame energie (zoals zon-op-dak en windenergie) en het aardgasvrij maken van woningen en gebouwen. Zon-op-dak wordt door verschillende gemeenten genoemd als prioriteit. Waterstof en batterijen worden in toenemende mate genoemd als innovatieve oplossingen.
  2. Warmtetransitie: Gemeenten zoeken alternatieven voor aardgas, zoals warmtenetten, geothermie en restwarmte. Dit gebeurt vaak in samenwerking met woningcorporaties en netbeheerders.
  3. Klimaatadaptatie & Biodiversiteit: Gemeenten vergroenen de openbare ruimte, leggen groene daken aan, stimuleren biodiversiteit en maken steden klimaatbestendiger tegen hitte en wateroverlast.
  4. Circulaire Economie: Er is groeiende aandacht voor afvalreductie, hergebruik van materialen en circulair bouwen. Gemeenten stimuleren lokale initiatieven en bedrijven om circulair te werken.
  5. Mobiliteit: Duurzame mobiliteit krijgt aandacht via fietsstimulering, emissieloze zones, deelmobiliteit en het verbeteren van OV-verbindingen.

Het is daarbij opvallend te constateren dat deze ontwikkelingen bovenal de invloed betreft die gemeenten uitoefenen op burgers en bedrijven. In mindere mate wordt daarbij zichtbaar welke acties gemeenten ondernemen om de eigen organisaties in te richten op modellen voor waardecreatie die uitgaan van meervoudige waarde (te weten maatschappelijke, sociale, ecologische en economische waarde).

Een waarneming die gemaakt heeft dat we voor dit paper op zoek zijn gegaan naar de rol die gemeenten kunnen vervullen in zowel hun beleid richting burgers en bedrijven en naar de voorbeeldrol van de gemeentelijke organisatie zelf. In deze paper gaan we op zoek naar het antwoord op de volgende vraag

Hoe kunnen politici, bestuurders en ambtelijke directie leiderschap tonen om zo met hun gemeente verantwoordelijkheid te nemen voor de duurzaamheidstransitie?

Voor het beantwoorden van deze vraag zijn zes interviews gehouden en drie panelgesprekken uitgevoerd. Interviews en gesprekken waarin de volgende vragen centraal hebben gestaan:

  1. Hoe zien de geïnterviewden de rol van de gemeente in de duurzaamheidstransitie?
  2. Hoe wordt deze rol inhoud gegeven?
  3. Wat zijn praktische aangrijpingspunten om duurzaamheid een plek te geven?

Hierna wordt achtereenvolgens ingegaan op de rol van gemeenten bij het inhoud geven aan de duurzaamheidstransitie, de weg naar het afleggen van verantwoording, de dilemma’s die daarbij een rol spelen en de rol(opvatting) van de ambtenaar. De paper wordt afgesloten met zes adviezen.

De rol van gemeenten

André Mol, voormalig concerncontroller van de gemeente Roosendaal, verricht op dit moment promotieonderzoek naar duurzaamheidsverantwoording. Hij stelt dat duurzaamheid een gezamenlijke verantwoordelijkheid is van overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Gemeenten kunnen hierin niet achterblijven. Een visie die door Marco Verloop, wethouder van de gemeente Veenendaal, wordt gedeeld. Volgens Verloop ligt de kracht van gemeenten in voorbeeldgedrag en samenwerking. Veenendaal werkt actief samen met ondernemers en onderwijsinstellingen aan projecten zoals Madaster en netcongestie. “We hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Als bedrijven niet circulair worden, bestaan ze over tien jaar niet meer,” zegt hij. Zijn aanpak: klein beginnen, bondgenoten zoeken en successen zichtbaar maken.

Uit het onderzoek van Mol en zijn collega-onderzoekers (Mol et al., 2024) blijkt dat slechts een beperkt aantal gemeenten in hun jaarverslagen expliciet verwijst naar de SDG’s. Vaak ontbreekt een integrale benadering, en wordt duurzaamheid gereduceerd tot milieubeleid of CO₂-reductie. Mol analyseerde samen met zijn collega-onderzoekers de jaarverslagen van 120 Nederlandse gemeenten. Daarbij werd gekeken naar de mate waarin duurzaamheid – in de brede zin van de SDG’s – is geïntegreerd in beleid en verslaglegging. Grote gemeenten zoals Amsterdam en Rotterdam scoren hoog, mede doordat zij vrijwillige duurzaamheidsrapportages publiceren. “Kleinere gemeenten blijven vaak achter, mede door beperkte middelen en capaciteit”, zo geeft hij aan.

Het breed kijken naar duurzaamheid wordt ook benadrukt door Robert Gerritsen, concerncontroller bij de gemeente Oost-Gelre. Gerritsen benadrukt dat duurzaamheid niet beperkt moet blijven tot milieuvraagstukken. Volgens hem raakt duurzaamheid aan alle aspecten van beleid en samenleving: van afvalverwerking tot sociale structuren en van woningbouw tot zorg. Voor Gerritsen is duurzaamheid een fundamentele vraag die bij elke beslissing gesteld moet worden: Wat is het effect op mens, natuur en omgeving? Hij pleit voor een cyclische benadering waarbij hergebruik, lange termijn denken en sociale cohesie centraal staan. “Duurzaamheid gaat ook over relaties, over hoe we met elkaar omgaan,” aldus Gerritsen.

Gemeenten hebben volgens hem een sleutelrol in het verbinden van inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Hij ziet kansen in participatie en co-creatie, vooral bij grote opgaven zoals woningbouw en zorg. “Woningbouw moet niet alleen een productieopgave zijn, maar een integrale benadering waarin ook leefbaarheid en zorg worden meegenomen”. Een terugkerend thema in het gesprek met Gerritsen is het belang van dialoog en vertrouwen. Hij stelt dat duurzame verandering begint bij het voeren van het goede gesprek – binnen de organisatie én met de samenleving. “Routine en ritme om met elkaar te reflecteren zijn cruciaal. Zonder dat blijven we doormodderen”.

Ook Arjan Klein Nibbelink, projectleider Energietransitie en Netcongestie voor de gemeente Winterswijk, deelt het belang van een brede kijk op duurzaamheid. Of zoals hij stelt: “Duurzaamheid vraagt om een praktische, mensgerichte kijk en aanpak”.  Voor Arjan betekent duurzaamheid het behouden van de aarde en haar waarde voor toekomstige generaties. Binnen zijn organisatie wordt duurzaamheid multidisciplinair benaderd, waarbij energietransitie, biodiversiteit, klimaatadaptatie, cultuurhistorie en circulariteit samenkomen. “Het heeft geen zin om duurzame keuzes te maken die elders schade veroorzaken,” stelt hij.

De Achterhoek kenmerkt zich door sterke familiebedrijven en langdurige samenwerkingen. Dit zorgt voor vertrouwen en continuïteit. Arjan noemt het “een regio waar je met een handdruk afspraken maakt die generaties meegaan”. De Green Leaf Award, die Winterswijk won, gaf bovendien een boost aan het lokale draagvlak en appelleerde aan de trots van betrokkenen om duurzaamheid te agenderen.

En zo vertelt hij: “Duurzaamheid moet leuk zijn. Met initiatieven zoals energietheater en het centrum Duurzaam Winterswijk wordt duurzaamheid tastbaar en aantrekkelijk gemaakt”.

Ook in Veenendaal zien we een brede visie op duurzaamheid terug. Marco Verloop, sinds 2010 wethouder in Veenendaal, combineert zijn achtergrond als fysicus met een bestuurlijke rol waarin duurzaamheid en digitalisering centraal staan. Voor hem is circulariteit meer dan een beleidsdoel: het is een fundamenteel herontwerp van onze samenleving: “We leven in een gesloten systeem. Een kenmerk daarvan is dat grondstoffen en materialen die we onomkeerbaar omzetten (en dat doen we in een lineaire economie) voor altijd verloren zijn. Blijven we lineair produceren, dan ondergraven we ons eigen voortbestaan. Daarom is een fundamenteel herontwerp naar een circulaire samenleving nodig”, zo geeft hij aan.

Onder de paraplu van duurzaamheid heeft Veenendaal drie programmaplannen: energietransitie, circulariteit en klimaatadaptatie. Circulariteit is zichtbaar in alle financiële en beleidsdocumenten, van programmabegroting tot jaarrekening. Het raakt zelfs het afschrijvingsbeleid: materialen die opnieuw inzetbaar zijn, hoeven niet volledig te worden afgeschreven. Dit vraagt om een andere kijk op eigendom en waarde, zoals het leasen van licht in plaats van het kopen van lampen.

Verloop ziet als grootste uitdaging, het veranderen van mindset. “Met techniek lossen we veel op. Het gaat erom dat mensen anders leren denken, kijken en handelen”. Intrinsieke motivatie is cruciaal, zowel bij ambtenaren als bestuurders. Verloop ziet zijn rol als inspirator: “Zorg dat mensen graag voor je willen werken. Zonder bevlogenheid in de organisatie en in het college gebeurt er niets”.

De weg naar het afleggen van verantwoording

Duurzaamheid is naast een kwestie van visie en uitvoering, ook een kwestie van transparante verantwoording. De VNG-handreiking Duurzaamheidsrapportage en verantwoording voor decentrale overheden en de recent verschenen aanvulling (Handreiking Duurzaamheidsrapportage Decentrale Overheden | VNG, z.d.; Aan de Slag met Duurzaamheidsrapportage | VNG, z.d.) biedt gemeenten een praktisch kader om hun prestaties inzichtelijk te maken en te verbeteren.

Verschillende gemeenten zijn aan de slag om hun bijdrage aan nationale en internationale doelen – zoals het Klimaatakkoord, de Green Deal en de SDG’s – zichtbaar te maken. Daarnaast groeit de indirecte verplichting via de Cooporate Sustainability Reporting Directive (CSRD), die ketenverantwoordelijkheid benadrukt. Ketens waarvan ook gemeenten onderdeel uitmaken. Transparantie is daarmee niet alleen een manier om verantwoording af te leggen, maar ook een manier om vertrouwen en draagvlak te creëren.

De handreiking introduceert het principe van dubbele materialiteit:

  • Impactmaterialiteit: de invloed van gemeentelijk beleid op mens, milieu en maatschappij.
  • Financiële materialiteit: de gevolgen van duurzaamheidsrisico’s voor de gemeente zelf.

Deze wijze van benaderen helpt gemeenten om duurzaamheid niet als kostenpost, maar als strategische factor te benaderen. Verantwoorden en rapporteren begint, terugkijkend op de interviews, niet bij de rapportage. Wel bij de ambitie, waarvoor Brede Welvaart, de SDG’s en/of de principes van de Donuteconomie (Amsterdam Donut Coalitie, z.d.) raamwerken bieden voor beleid. Vervolgens is het de kunst om dit beleid, via stakeholderraadplegingen door te vertalen naar een passende set van indicatoren, waarvoor de eerdergenoemde Handreiking concrete voorbeelden aanreikt. En het is daarbij de kunst om in deze vertaalslag van beleid naar indicatoren niet voorbij te gaan aan spanningsvelden en dilemma’s die onderdeel uitmaken van deze vertaalslag.

Spanningsvelden en dilemma’s

Uit de gesprekken komen verschillende dilemma’s naar voren. Dilemma’s die de moeite waard zijn bespreekbaar te maken.

Politieke kleur versus de rol van het ambtelijk apparaat

Een bevinding uit het onderzoek van Mol is dat de politieke kleur van de gemeenteraad invloed heeft op de mate van transparantie in duurzaamheidsverantwoording. Linkse raden blijken vaker uitgebreider te rapporteren dan rechtse. Mol benadrukt echter dat het primaat bij de raad ligt, maar dat ook het college en de ambtelijke top een belangrijke rol spelen in het vormgeven van het duurzaamheidsbeleid.

Urgentie versus (on)zichtbare vooruitgang

Zowel internationaal als binnen Nederland krijgt duurzaamheid wisselende aandacht. Het onderwerp lijkt bij tijd en wijle van de politieke agenda te verdwijnen.  Verkiezingen, financiële tekorten en sociale problematiek domineren de prioriteiten. Toch gebeurt er achter de schermen veel. Tal van gemeenten nemen concrete stappen, zij het vaak zonder veel ruchtbaarheid.

Cultuur versus structuur

Een ander spanningsveld dat terugkeert in de gesprekken is het spanningsveld tussen de te volgen structuur versus een cultuur en mindset. Juist deze verandering van mindset wordt als een grote uitdaging gezien. Het gaat erom dat mensen anders leren kijken en handelen en daarbij is de intrinsieke motivatie van bestuurders en ambtenaren voor het thema duurzaamheid relevant.

Deze spanningsvelden en dilemma’s hangen samen met het perspectief op duurzaamheid en de rol en rolopvatting van de ambtenaar.

De rol van de ambtenaar

Uit de interviews en gesprekken komt een viertal perspectieven naar voren die bepalend zijn voor de mate waarin gemeenten duurzaamheid omarmen:

  • Wettelijk perspectief – Gemeenten moeten voldoen aan bestaande wet- en regelgeving, zoals het Klimaatakkoord.
  • Politiek perspectief – De politieke kleur van het college beïnvloedt de prioritering van duurzaamheid sterk.
  • Persoonlijk perspectief – Bevlogen individuen binnen de ambtelijke organisatie maken vaak het verschil.
  • Maatschappelijk perspectief – Duurzaamheid als maatschappelijke opdracht kan gemeenten aantrekkelijker maken als werkgever en partner.

Het spannende van het thema duurzaamheid is dat het zowel gaat om verschillende perspectieven als om een gelaagde discussie, zo concluderen De Lat en Nijhof (2025) in het hoofdstuk “Stewardship: a new frontier in thinking and acting on sustainability”, zoals verschenen in het boek “Radical Business Perspectives for Sustainability Transitions”. In dit hoofdstuk breken zij een lans om bij persoonlijk leiderschap te beginnen, waarbij leiders uit de private en publieke sector de verantwoordelijkheid nemen het waardecreatiemodel van de organisatie aan te wenden ten dienste van het maatschappelijk belang.

Prof. dr. ir. André Nijhof, als hoogleraar verbonden aan de Nyenrode Business Universiteit, stelt in het interview dat de rol van gemeenten in duurzaamheid veel complexer is dan vaak gedacht. Niet de wetten, maar de informele spelregels binnen gemeentelijke organisaties bepalen in hoge mate of duurzame transities slagen. Volgens Nijhof is slechts 20% van de belemmeringen wettelijk van aard; de overige 80% zit in hoe gemeenten intern functioneren. Denk aan rolopvattingen van ambtenaren (“ik voer alleen uit”) en het gebrek aan samenwerking tussen bestuurders en uitvoerders. Deze informele regels maken dat ambtenaren zich vaak monddood voelen, terwijl juist hun vakkennis cruciaal is voor duurzame vooruitgang. Nijhof noemt drie concrete spelregels die gemeenten kunnen herzien:

  • Vermijd het woord ‘cultuurverandering’ – Het suggereert dat een gemeente dit alleen kan oplossen, terwijl transities altijd systeemgericht zijn.
  • Doorbreek aanbestedingsregels – Zoals in Apeldoorn, waar raamovereenkomsten duurzaamheid beter borgen dan prijsgerichte aanbestedingen.
  • Stimuleer samenwerking tussen bestuurders en ambtenaren – Beleidsvorming moet plaatsvinden in dialoog, niet in gescheiden werelden.

In een van de paneldialogen werden deze spelregels zichtbaar, onder andere in de reflectie van een van de aanwezige gemeentesecretarissen die stelde: “Los van de politieke kleur van mijn gemeente heb ik vanuit mijn rol de verantwoordelijkheid het thema duurzaamheid binnen de ambtelijke organisatie te agenderen. Ik kan me daarbij niet verschuilen achter de politiek”.

Mol pleit voor een integrale aanpak waarbij duurzaamheid niet wordt weggestopt in een aparte afdeling, maar breed wordt gedragen binnen de organisatie. Hij noemt het voorbeeld van Haarlem, waar duurzaamheid stevig is verankerd in de programmabegroting. Hij zegt: “Het is cruciaal aandacht te hebben voor de samenwerking tussen politiek en ambtelijke top, met daarbij duidelijke prioriteiten en een gezamenlijke visie op de vraag: Wat voor stad willen we zijn?”. Met deze uitspraak geeft Mol het belang aan om te komen tot een eenduidige en gedragen visie op hoe duurzaamheid in de ambitie van een gemeente te verankeren.

De rol van de ambtenaar wordt in het proces van verduurzaming als een cruciale gezien. De oproep aan ambtenaren komt uit de interviews eenduidig naar voren: sta voor je vak, gebruik je stem. Niet alleen door opties voor te leggen, maar ook door voorkeuren uit te spreken op basis van expertise. Duurzaamheid vraagt om lef, systeeminzicht en het slim spelen van het spel, zo wordt aangegeven in de gesprekken.

Een beeld dat terugkomt in het gesprek met Rob Engbers, coördinerend opdrachtgever duurzaamheid bij de gemeente Enschede. Zijn verhaal is er één van structuur, realisme en samenwerking — met oog voor zowel bestuurlijke als maatschappelijke dynamiek. De gemeente Enschede werkt langs meerdere lijnen aan duurzaamheid: de Sustainable Development Goals (SDG’s), het Klimaatakkoord en een eigen uitvoeringsprogramma “Groen en Duurzaam”. Binnen dit programma zijn vijf thema’s uit het Klimaatakkoord leidend: klimaatmitigatie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit en energie. Elk thema kent een eigen ambtelijk portefeuillehouder, waarbij Engbers de coördinerende rol vervult.

Een belangrijk uitgangspunt is dat duurzaamheid niet slechts een papieren ambitie blijft. “We hebben de klimaatmiddelen gericht ingezet op uitvoerbare projecten,” aldus Rob. De gemeente werkt daarbij met opdrachtgevers per sector, zoals gebouwde omgeving, industrie, mobiliteit en toetst de voortgang per kwartaal. Ook benoemt hij de verantwoordelijkheid van het zijn van een grote gemeente in de regio. Enschede werkt op Twentse schaal samen aan thema’s als netcongestie, warmte en biogas. Rob benadrukt het belang van kennisdeling, ook met kleinere gemeenten. “Als grote gemeente heb je een voortrekkersrol omdat je over het algemeen meer kennis en capaciteit in huis hebt. En juist op het onderwerp biogas hebben de plattelandsgemeenten weer meer kennis waar wij als stedelijke gemeenten van leren en ons voordeel mee kunnen doen”.

Totaalbeeld en adviezen

Uit de interviewreeks en de paneldialogen komen verschillende adviezen naar voren.

  1. Ga in gesprek over wat echt belangrijk is

Ga als raad, college en ambtelijke top met elkaar in gesprek over wat echt belangrijk is. Formuleer een beperkt aantal prioriteiten en koppel daar concrete acties en middelen aan. Alleen zo kan duurzaamheid structureel en effectief worden ingebed in het gemeentelijk beleid.

  • Benader duurzaamheid integraal

Zie duurzaamheid als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Kies daarbij als gemeente voor een integrale benadering, waarbij duurzaamheid niet wordt gereduceerd tot milieubeleid of CO₂-reductie. Maak juist de verbinding in termen van brede waarde door te kijken naar zowel sociale waarde, ecologische als economische waarde.

  • Betrek maatschappelijke partners

De geïnterviewden zijn het er unaniem over eens dat het vraagstuk van duurzaamheid niet door één partij kan worden gerealiseerd. Dit vraagt samenspel tussen maatschappelijke partners en inzicht in ieders belangen.

  • Werk bottom-up en top down en bovenal werk samen

Transitie vraagt om een combinatie van lokale initiatieven en centrale sturing. Grote gemeenten kunnen als koplopers fungeren, terwijl kleinere gemeenten via praktische instrumenten zoals convenanten kunnen aanhaken.

  • Maak ‘mindset’ bespreekbaar

Maak de motivatie voor het thema duurzaamheid bespreekbaar van bestuurders tot ambtelijk apparaat.

  • Organiseer een proces van verduurzaming

Duurzaamheid is een maatschappelijk relevant thema, dat een procesgerichte aanpak verdient. Een proces dat – geïnspireerd op de CSRD – de volgende stappen kent:

  1. Bepaal de (duurzaamheids)ambitie van de gemeente;
  2. Formuleer de visie van de maatschappelijke partners op de rol van de gemeente ten aanzien van duurzaamheid;
  3. Breng risico’s, kansen en dilemma’s in beeld zoals deze mede door maatschappelijke partners worden ervaren en stel de dubbele materialiteit vast;
  4. Bepaal welke indicatoren relevant zijn om te meten;
  5. Leg actief verantwoording af.

Het grootste gevaar is te blijven steken in de stappen 4 en 5, zo leert de ervaring.

Eilanden van goede wil

Er zijn tal van gemeenten die ondanks politieke of financiële tegenwind mooie initiatieven ontplooien. Deze “eilanden van goede wil” verdienen volgens de geïnterviewden een podium. Door hun verhalen te delen, kunnen andere gemeenten geïnspireerd raken en leren van deze mooie voorbeelden. Voorbeelden die het verdienen om uitgedragen te worden. De initiatiefnemers van dit ‘paper’ pakken deze handschoen op en gaan deze mooie voorbeelden zichtbaar maken via een interviewreeks. Zo kunnen die voorbeelden bijdragen aan dialoog en actie op het maatschappelijk relevante thema duurzaamheid.

Gemeenten hebben de sleutel in handen om duurzaamheid tastbaar te maken. Dat vraagt om visie, samenwerking en het lef om spelregels te doorbreken. Begin klein, maak successen zichtbaar en veranker duurzaamheid in alle lagen van beleid en uitvoering.

Nu al klein beginnen?

Maak gebruik van de ‘Zelfscan overheden’ Om een beeld te krijgen van de kansen en uitdagingen voor gemeenten, ontwikkelden Vermetten | accountants en adviseurs en de Academische Werkplaats (Be)sturen op Brede Welvaart een Zelfscan Overheden. Deze zelfscan helpt gemeenten om te reflecteren op waar het binnen de organisatie goed gaat en waar het stokt in het structureel verankeren van duurzaamheid. De stellingen in de scan brengen in beeld in hoeverre de organisatie klaar is om duurzaam beleid en initiatieven vorm te geven en te realiseren, bijvoorbeeld qua draagvlak, cultuur, capaciteit, samenwerking of borging in de P&C-cyclus.   De scan maakt onder andere zichtbaar hoe duurzaamheidsambities uit het bestuursakkoord worden doorvertaald naar beleid en uitvoering, of er voldoende capaciteit, middelen en mandaat zijn om die ambities waar te maken, en in hoeverre de organisatie leert van resultaten en deze structureel borgt in beleid en processen. Voor kleinere gemeenten geldt dat duurzaamheid vaak geïntegreerd is in andere programma’s, zoals ruimtelijke ontwikkeling, mobiliteit, of sociaal beleid. Ook in dat geval helpt deze scan om te zien hoe duurzaamheidsdoelen binnen die programma’s zijn ingebed en waar de samenhang verder kan worden versterkt.   De resultaten van deze zelfscan kunnen worden gebruikt als intern reflectie-instrument om verbeterpunten te identificeren en vervolgstappen te bepalen om duurzaamheid verder te verankeren in het beleid en de organisatie.

Bronnen

Aan de slag met duurzaamheidsrapportage | VNG. (z.d.). VNG. https://vng.nl/nieuws/aan-de-slag-met-duurzaamheidsrapportage

Amsterdam donut coalitie. (z.d.). amsterdamdonutcoalitie.nl. https://amsterdamdonutcoalitie.nl/

De Lat, M., & Nijhof, A. (2025). Stewardship: a new frontier in thinking and acting on sustainability. In Edward Elgar Publishing eBooks (pp. 93–112). https://doi.org/10.4337/9781035308026.00012

Handreiking duurzaamheidsrapportage decentrale overheden | VNG. (z.d.). VNG. https://vng.nl/nieuws/handreiking-duurzaamheidsrapportage-decentrale-overheden

Ministerie van Algemene Zaken. (2025, 7 mei). Sustainable Development Goals (SDG’s): 17 doelen voor een duurzamere wereld. Verenigde Naties (VN) | Rijksoverheid.nl. https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/vn/duurzame-ontwikkelingsdoelen

Mol, A., Budding, T., & Gradus, R. (2024). Hoe transparant zijn grote gemeenten over hun duurzaamheidsprestaties? Maandblad Voor Accountancy en Bedrijfseconomie, 98(7), 439–450. https://doi.org/10.5117/mab.98.131516

Rockström, J., Steffen, W., Noone, K., Persson, Å., Chapin, F. S., Lambin, E. F., Lenton, T. M., Scheffer, M., Folke, C., Schellnhuber, H. J., Nykvist, B., De Wit, C. A., Hughes, T., Van Der Leeuw, S., Rodhe, H., Sörlin, S., Snyder, P. K., Costanza, R., Svedin, U., Foley, J. A. (2009). A safe operating space for humanity. Nature, 461(7263), 472–475. https://doi.org/10.1038/461472a

SDG Nederland. (2025, 21 mei). Negende nationale SDG-rapportage. https://www.sdgnederland.nl/nieuws/negende-nationale-sdg-rapportage/

Seven of nine planetary boundaries now breached. (2025, 24 september). Stockholm Resilience Centre. https://www.stockholmresilience.org/news–events/general-news/2025-09-24-seven-of-nine-planetary-boundaries-now-breached.html#:~:text=The%20seven%20breached%20planetary%20boundaries,remain%20in%20the%20safe%20zone.

Verantwoording

Geïnterviewden

Deze paper is gebaseerd op een drietal paneldialogen met ambtelijk vertegenwoordigers van lokale overheden en een zestal interviews met de volgende personen.

  • Rob Engbers. Rob is werkzaam als opdrachtgever landelijk gebied & grootschalige opwek bij de gemeente Enschede en is voorzitter van de Betekeniseconomie in Twente.
  • Robert Gerritsen. Robert is als concerncontroller werkzaam voor de gemeente Oost-Gelre.
  • Arjan Klein Nibbelink: Arjan werkt als projectleider Energietransitie en Netcongestie voor de gemeente Winterswijk.
  • André Mol MSc RE: André is voormalig concerncontroller en wijdt zich na zijn vroegpensioen vanuit het Zijlstra Center for Public Control, Governance & Leadership van de Vrije Universiteit Amsterdam aan zijn proefschriftonderzoek naar duurzaamheidsverantwoording door gemeenten.
  • Prof. dr. ir. André Nijhof: André is hoogleraar Duurzaam Ondernemen en Stewardship aan de Nyenrode Business Universiteit. Hij maakt deel uit van het Nyenrode Faculty Expertisecenter Entrepreneurship, Governance & Stewardship
  • dr. ir. Marco Verloop: Marco is wethouder van de gemeente Veenendaal met in zijn portefeuille onder andere de thema’s energietransitie, circulaire economie, duurzaamheid en milieu.

Samenwerkingspartners

Deze paper wordt u aangeboden door Afier Accountants en Adviseurs, Cooperate Green, Eshuis Accountants en Adviseurs, Stolwijk Kelderman Accountants Fiscalisten en Vermetten Accountants en Adviseurs. Zij hebben de wens de dialoog te faciliteren binnen lokale overheden over het thema duurzaamheid. Genoemde kantoren hebben elkaar gevonden in een gedeelde ambitie werk te willen maken van duurzaamheid.

Redactie

Deze paper is uitgewerkt onder redactie van Mark de Lat. Mark is onderzoeker bij het lectoraat Business Models van Hogeschool Saxion, doet promotieonderzoek naar “sensemaking & sustainability” aan de Nyenrode Business Universiteit, werkt als opinieleider en strateeg voor Eshuis Accountants en Adviseurs en begeleidt als strategie- en teamcoach directies en managementteams vanuit zijn eigen praktijk het transitie/Atelier.

Laat uw gegevens achter

Blijf op de hoogte van wat er speelt rond duurzaamheid en brede welvaart in gemeenten.
  • Nieuwe blogs en artikelen vanuit de praktijk 

  •  Updates over de zelfscan en paper 

  •  Uitnodigingen voor dialoog en bijeenkomsten  

  • Verhalen van gemeenten die vooroplopen